| Stand van zaken |
|
De aanleiding
Al enige jaren gaat de conditie van het instrument achteruit. De mechaniek van 1969 vertoont diverse gebreken. Zo geeft de windvoorziening geen consistente winddruk en is de mechaniek niet goed ingeregeld. Ontstemmingen zijn het gevolg. Diverse onderdelen van de mechaniek zijn aan vervanging toe. Soms breken onderdelen spontaan af.
Restauratiecommissie en adviseur
Op 6 september 2002 benoemd de kerkenraad een restauratiecommissie. Opdracht is het ontwikkelen van een restauratieplan voor het orgel inclusief toekomstvisie. Omdat het orgel sinds 10 december 2001 een rijksmonument is, wordt in overleg met de Rijksdienst voor Archeologie, Cultuurlandschap en Monumenten (RACM) een adviseur aangezocht. Deze wordt gevonden in de persoon van Stef Tuinstra, die in 1994 ook adviseur was bij de reconstructie van het Meere-orgel in Epe.
Onderzoek en rapport
Op 7 oktober 2003 start de eerste fase van het restauratietraject, een historisch en bouwkundig onderzoek. Onder andere op basis van archiefonderzoek en onderzoek ter plaatse wordt de geschiedenis van het orgel in kaart gebracht. Ontstemmingen en mechanische problemen lopen als een rode draad door de geschiedenis heen. Hoofdoorzaken zijn de windvoorziening en klimatologische omstandigheden. De restauratiecommissie en de adviseur richten zich daarom ook op een duurzame restauratie. De problemen moeten integraal worden aangepakt en het orgel moet na restauratie tientallen jaren mee kunnen zonder al te veel onderhoudskosten. In 2005 presenteert Stef Tuinstra zijn rapport. Dit is erop gericht om het orgel weer zoveel mogelijk in overeenstemming te krijgen met Meere’s principes. De windvoorziening en mechaniek moeten worden vernieuwd en het historische pijpwerk vormt de basis voor verdere restauratie. In hetzelfde jaar wordt besloten om het onderhoud van het orgel niet langer op te dragen aan de firma Pels & Van Leeuwen, maar aan Orgelmakerij Reil uit Heerde.
Klimatologisch onderzoek
Parallel aan het restauratietraject wordt een onderzoek gestart naar de klimatologische omstandigheden in de Bethelkerk. Vanaf 2004 worden op diverse plaatsen in de kerk metingen verricht. De resultaten hiervan zijn door de RACM in een rapport verwerkt. De kerk voert een aantal aanbevelingen door, waaronder het vervangen van de verwarmingsinstallatie in de Bethelkerk. Uit nieuwe metingen blijkt dat dit een positief effect heeft. Bouwkundige aanpassingen aan de kerk worden niet nodig geacht.
Principebesluit door de kerkenraad
Op 9 juni 2006 neemt de kerkenraad het principebesluit om binnen 10 jaar het orgel te restaureren. De restauratiecommissie krijgt de opdracht om zowel binnen de kerkelijke gemeente als daarbuiten gericht aan de slag te gaan met fondsenwerving. Na vijf jaar zal hiervan de balans worden opgemaakt.
Montfoort
Begin januari 2008 krijgt de restauratiecommissie een tip dat het orgel in de Rooms-Katholieke kerk van Montfoort overbodig raakt en dat in dit orgel nog historisch Meere-pijpwerk aanwezig is. Uit onderzoek door de adviseurs Cees van der Poel en Stef Tuinstra blijkt dit inderdaad het geval te zijn. Het gaat om 10 oude registers, waarvan zeven van Meere uit 1805 en één van H.D. Lindsen uit 1847/1850. De andere twee registers dateren van ongeveer 1900. Het pijpwerk blijkt in prima staat te zijn. De restauratiecommissie besluit deze unieke kans niet voorbij te laten gaan. In overleg met het parochiebestuur wordt besloten om de 10 registers aan te kopen. Op 26 april 2008 vindt de overdracht plaats, de demontage en het vervoer van de pijpen naar Urk. Hier zijn ze opgeslagen op de zolder van de Bethelkerk in afwachting van de restauratie.
Aanpassing restauratieplan, offerte en vergunningaanvraag
Naar aanleiding van de gebeurtenissen in Montfoort wordt het restauratieplan in 2009 door Stef Tuinstra aangepast. Een reconstructie van het orgel naar Meere's principes is nu meer dan ooit mogelijk en de restauratiecommissie staat voor een unieke uitdaging. Op 12 maart 2010 brengt Orgelmakerij Reil offerte uit voor de werkzaamheden. Op 14 april 2010 dient de restauratiecommissie een verzoek in bij de gemeente Urk voor toekenning van de restauratievergunning. Tevens wordt een formeel subsidieverzoek gedaan bij het Rijk, de provincie en de gemeente.
Start van de restauratie in 2011
De fondsenwerving is een geduldige aangelegenheid. Gelukkig ervaart de restauratiecommissie veel steun en enthousiasme. Eind 2010 kan de balans worden opgemaakt. Vanwege de arbeidsintensieve klus zijn de restauratiekosten hoog. Daar staat tegenover dat in ruim vier jaar tijd de nodige beschikbare middelen zijn gevonden. Er resteert nog een tekort van ongeveer € 150.000. De restauratiecommissie besluit het tekort te dichten door onderhoudswerk, zoals schilderwerk en elektriciteit, met eigen gemeenteleden uit te voeren. Daarnaast wordt besloten om vijf geplande registers (voorlopig) te reserveren. Mochten de financiële middelen het tussentijds toelaten, dan zullen deze registers alsnog direct bij de oplevering van het orgel worden geplaatst. Na deze bezuinigingen blijft nog een tekort over van € 40.000. De restauratiecommissie hoopt hier in de komende tijd de middelen voor te vinden. De kerkenraad gaat op 10 december 2010 akkoord met het plan en de begroting. De restauratie kan in het najaar van 2011 starten op voorwaarde dat de subsidies zijn toekend. Met adviseur Stef Tuinstra en Orgelmakerij Reil is de restauratiecommissie in gesprek om de werkplanning en het tijdschema verder uit te werken.
Feestelijke bijeenkomst t.g.v. 100 jaar Meere-orgel in de Bethelkerk
Op 26 januari 2011 wordt een feestelijke bijeenkomst georganiseerd omdat het die dag precies 100 jaar geleden is dat het Meere-orgel in de Bethelkerk in gebruik werd genomen. Tijdens de bijeenkomst reikt de gemeente Urk de restauratievergunning uit. Ook zegt de provincie Flevoland een subsidie toe van € 226.000.
Het contract is getekend, de werkzaamheden zijn begonnen!
Op 13 juli 2011 is het contract getekend met Orgelmakerij Reil te Heerde. De restauratie is gestart op maandag 12 september 2011. In twee dagen tijd zijn alle ruim 1.500 pijpen uit het orgel genomen. Op 26, 27 en 28 maart 2012 zijn ook de frontpijpen en de orgelkas gedemonteerd. De geplande oplevering van het gerestaureerde orgel is het voorjaar van 2013.
|